Fiscale aspecten van de onzakelijke lening in familieverband (Vp-bulletin 2013/3)

Geplaatst op 29 maart 2013
Mr. E. Alink

Indien een ouder een geldlening verstrekt aan zijn kind heeft dat doorgaans geen bijzondere fiscale gevolgen. De vordering wordt bij de ouder in aanmerking genomen in box 3. Voor belastingheffing bij de ouder is de besteding van de door de geldlening verkregen middelen door het kind in beginsel niet van belang. Bij het kind is sprake van een in box 3 vallende schuld. Dit laatste is slechts anders indien het kind de geldlening heeft gebruikt voor de financiering van de aankoop of verbouwing van een eigen woning, de financiering van een onderneming of de financiering van een pakket aandelen dat bij het kind in box 2 in de belastingheffing wordt betrokken. Indien de geldlening niet onder zakelijke voorwaarden is aangegaan kunnen afwijkende gevolgen aan de orde zijn. Op deze gevolgen wordt in dit artikel nader ingegaan.