Kennisgroepstandpunt KG:063:2025:01: de juiste uitwerking, maar het verkeerde antwoord (FBN 2025/39)

Geplaatst op 14 november 2025
Mr. M.M.J. Schuurman-van Nifterik

Dit artikel gaat over kennisgroepstandpunt KG:063:2025:01. Hierin staat de vraag centraal of bij een verkrijging krachtens art. 10 SW een oude (ingetrokken) tegemoetkoming nog nodig is. Op basis van deze tegemoetkoming mocht de verkrijger een ten behoeve van de erflater gevestigd vruchtgebruik als opgeofferd bedrag in mindering brengen op zijn fictieve verkrijging. In tegenstelling tot de kennisgroep komt de auteur tot de conclusie dat de noodzaak van deze tegemoetkoming nog aanwezig is, ook na de wijzigingen van art. 10 SW. De kennisgroep baseert haar antwoord echter op een casus die afwijkt van de casus waarop paragraaf 11 van de Leidraad ziet. De auteur is het wel eens met de door de kennisgroep uitgewerkte casus in de beschouwing van het kennisgroepstandpunt. Maar ondanks deze juiste uitwerking, is het antwoord op de gestelde vraag verkeerd.

Wanneer u een abonnement heeft op SDU Opmaat, dan kunt u middels de link het complete artikel raadplegen: artikel FBN 2025/39.