In dit artikel wordt ingegaan op de pensioenen die onder het toepassingsbereik van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding vallen en op de vraag in hoeverre het bij het opstellen van overeenkomsten, zoals huwelijkse voorwaarden, samenlevingscontracten en echtscheidingsconvenanten, wenselijk is rekening te houden met de bijzondere kenmerken van het in de Wvps gehanteerde pensioenbegrip. De expliciete opsomming in die wet van de ‘Wvps-pensioenregelingen’ geeft op het eerste gezicht weinig aanleiding om bij besprekingen in te gaan op het pensioenbegrip. Toch kan onverkorte toepassing van het wettelijk stelsel wel degelijk tot onevenwichtigheden en onverwachte bijvangst leiden. De adviseur die betrokken is bij de advisering over huwelijkse voorwaarden, samenlevingscontracten en de afwikkeling van scheidingen ziet dat de rechter maatwerkoplossingen treft, en weet dat hij zelf niet kan achterblijven: het standaard Wvps-regime past immers lang niet altijd.
Wanneer je een abonnement hebt op SDU Opmaat, dan kun je middels de link het complete artikel raadplegen: artikel FTV 2026/1.