Financieel beheer en verantwoording na overlijden (FTV 2026/11)

Geplaatst op 30 juli 2026
Mr. M.C.G. Stut

De verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording is een terugkerend thema in de civiele erfrechtpraktijk en in het bijzonder wanneer een kind bij leven het financiële beheer van een hulpbehoevende ouder op zich heeft genomen. Hoewel de Hoge Raad een algemeen toetsingskader heeft geschetst, blijkt de rechtspraktijk weerbarstig te zijn en wordt het bestaan van een dergelijke verplichting niet snel aangenomen. In dit artikel wordt met voorbeelden uit de jurisprudentie ingegaan op de vraag wanneer en op welke gronden een dergelijke verplichting jegens erfgenamen zou kunnen bestaan.
Het uitgangspunt is dat de rechthebbende zelf het beheer voert over zijn vermogen en daartoe in staat is (beschikkingsbevoegd) en er geen grond is om van een ander rekening en verantwoording te verlangen. Wanneer de rechthebbende door een ander bij het beheer van zijn of haar financiën wordt geholpen – al dan niet op grond van een volmacht –, betekent dat niet automatisch dat die ander ook het beheer heeft omdat ervan wordt uitgegaan dat dit gebeurt met medeweten en goedkeuring van de rechthebbende. Die wordt in staat geacht om te (kunnen) controleren wat er gebeurt en de ander ter verantwoording te (kunnen) roepen als hij of zij het niet eens is met de verrichte handelingen. Als de rechthebbende, die ander/de volmachtgever, dan zelf de gevolmachtigde niet ter verantwoording heeft geroepen, wordt ervan uitgegaan dat die instemde met de handelingen van die ander/de gevolmachtigde. Dit maakt dat na het overlijden van de rechthebbende de erfgenamen die ander/de gevolmachtigde niet alsnog om rekening en verantwoording kunnen vragen.
Een adviseur dient zich er goed van bewust te zijn dat, in de gevallen dat een familielid nauw betrokken is bij het financiële beheer van een hulpbehoevende en/of zieke ouder of het beheer voert, na het overlijden geconfronteerd kan worden met de (mede-)erfgenamen die ‘tekst en uitleg’ verlangen. Dit kan leiden tot onaangename situaties, verstoorde familieverhoudingen en gerechtelijke procedures. De verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording is geen gegeven, maar het resultaat van een beoordeling van de feiten en met name omstandigheden. De uitkomst van gerechtelijke procedures is dan ook ongewis.
Het is dan ook belangrijk dat van tevoren, bij leven van de ouder, reeds goede afspraken worden gemaakt over de rol van de mantelzorger en dat hij niet met een ‘kale volmacht’ of een ‘en-of rekening’ het juridische oerwoud wordt ingestuurd. Het opstellen van een volmacht, al dan niet in een levenstestament, waarin een duidelijke regeling is opgenomen over het beheer en de daarmee gepaarde gaande bevoegdheden en verplichtingen, lijkt dan ook de aangewezen route.

Wanneer je een abonnement hebt op SDU Opmaat, dan kun je middels de link het complete artikel raadplegen: artikel FTV 2026/11.