Auteursrecht na de dood (WPNR 2026/7553)

Geplaatst op 30 juli 2026
Prof. mr. D.J.G. Visser

Op vrijwel alle tekst, foto’s, filmpjes en geluidsopnamen rust auteursrecht. Dat recht duurt tot zeventig jaar na de dood van de maker. Vrijwel iedereen maakt tegenwoordig tekst, foto’s, filmpjes en geluidsopnamen die makkelijk kunnen worden gekopieerd, verspreid, geëxploiteerd of gemanipuleerd. Ook na zijn of haar dood. Daarmee is het auteursrecht na de dood voor vrijwel iedereen van belang. De uitoefening van dit recht na overlijden kan echter problematisch zijn, met name als het bij leven niet goed geregeld is. Er zijn de afgelopen jaren de nodige rechten bijgekomen en per 1 januari 2026 vond er een belangrijke wetswijziging plaats. Daarom besteedt de auteur aandacht aan deze materie.
In dit artikel wordt eerst besproken om welke rechten het gaat en hoe lang die na de dood voortduren. Vervolgens wordt besproken wat er met de vermogensrechten na dode gebeurt wanneer er bij leven niets is geregeld, oftewel de versterferfrechtsituatie. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de situatie waarin er geen langstlevende echtgenoot is en de situatie waarin dat wel het geval is. Ook wordt ingegaan op de rechten die geen vermogensrechten zijn, te weten de portretrechten en de persoonlijkheidsrechten. De conclusie daarvan is dat de versterfsituatie snel lijdt tot versnippering van rechten die met elkaar kunnen conflicteren. Daarna wordt besproken hoe bij codicil over die persoonlijkheidsrechten kan worden beschikt. Vervolgens wordt besproken wat bij testament mogelijk is om versnippering te voorkomen en welke rol het legaat daarbij speelt. Aan het slot van het artikel zijn enkele voorbeeldclausules opgenomen.

Wanneer je een abonnement hebt op SDU Opmaat, dan kun je middels de link het complete artikel raadplegen: artikel WPNR 2026/7553.