Estate Planning Expert
 

ACTUEEL
23-11-2022 - Conclusie A-G IJzerman 6 oktober 2022, ECLI:NL:PHR:2022:903
23-11-2022 - Hof Amsterdam 15 november 2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:3218

Nogmaals: van jubelen tot jammeren (FBN 2017/50)

LinkedIn
16-01-2018 | Categorie: Literatuur

Prof. dr. B.M.E.M. Schols

De auteur bespreekt in het artikel tien aandachtspunten ten aanzien van eigenwoningschenkingen:

  1. De eenmaligheid van de schenking. Men kan niet in het ene jaar de gewone (onvoorwaardelijke) verhoogde schenkingsvrijstelling gebruiken en een volgend jaar de verhoging ten behoeve van de eigen woning. De auteur waarschuwt dat de mogelijkheid sinds 2017 om de schenking over 3 jaar uit te smeren alleen geldt voor de eigenwoningschenking. Ook mag de begiftigde bij de tweede en/of de derde uitgesmeerde schenking niet ouder zijn dan 40 jaar.
  2. De begiftigde die ouder is dan 40 jaar. Indien diens partner jonger is dan 40 jaar, dan kan toch gebruikgemaakt worden van de schenkingsvrijstelling. Een echtgenoot of geregistreerd partner is vanaf de huwelijksdatum partner voor de Successiewet, maar een samenwonende partner dient te voldoen aan de termijn van art. 1a SW.
  3. Partners worden voor de berekening van de schenkbelasting aangemerkt als één en dezelfde persoon. Het is dus niet mogelijk om zowel van vader als moeder een vrijgestelde eigenwoningschenking van het maximale bedrag te ontvangen. Gescheiden grootouders gelden niet als één en dezelfde persoon. Voor ouders geldt een strenger regime, namelijk art. 28 SW.
  4. Art. 26 lid 2 SW dient in geval van een huwelijk van de begiftigde binnen één jaar voor het huwelijk in acht te worden genomen. Dit artikel geldt niet voor samenwoners.
  5. Het gewijzigde art. 5 Uitv.reg. schenk- en erfbelasting: benutten, betalen en besteden. De auteur wijst erop dat ook voorwaardelijk schenken sinds 2017 uit den boze is.
  6. De schenking mag niet gebruikt worden voor de eigenwoningschuld van de andere echtgenoot of partner. Dit speelt wanneer er geen sprake is van een gemeenschap van goederen, waarin de woning valt.
  7. De schenking die tot stand is gekomen na het overlijden van de schenker (art. 12 lid 1 SW), bijvoorbeeld omdat onverhoopt een opschortende voorwaarde aan de schenking is verbonden. Gelet op de nieuwe eisen voor eigenwoningschenkingen sinds 2017 zal deze casus zich in de praktijk niet meer voordoen.
  8. Het vastleggen van de schenking, liefst notarieel. Dit in verband met het bepaalde in art. 7:176 BW: omkering van bewijslast van het bestaan van de schenking naar de begiftigde wanneer de schenker feiten stelt dat de schenking door misbruik van omstandigheden tot stand is gekomen. Deze omkering van bewijslast geldt niet wanneer de schenking is vastgelegd in een notariële akte.
  9. De legitieme portie en de in aanmerking te nemen giften bij de berekening van de legitimaire massa.
  10. Het ingewikkelde overgangsrecht dat geldt voor de eigenwoningschenking anno 2017.
Naar literatuur overzicht


Naar boven

Gebruiksvriendelijke Modellen Testamenten
Altijd up-to-date en inclusief een uitgebreide en heldere toelichting voor de testateur

Wilt u beter adviseren over estate planning?
Meld u dan vandaag nog aan voor de opleiding Estate Planning Specialist

Kent u onze Estate Planning Tools al?
De meest geavanceerde reken- en datatoepassingen op de Nederlandse markt

Driedaagse Leergang Levenstestament
Uitgebreide leergang waarin alle relevante deelonderwerpen aan bod komen

Modellen Huwelijkse Voorwaarden
Nu inclusief een uitgebreid model mét toelichting voor ongehuwde samenwoners

Twitter Linkedin